Zolang er mensen zijn, is er gedistilleerd. De Griekse wijsgeer Aristoteles beschreef in 322 voor Christus al een heel eenvoudig distillatieproces: het verhitten, verdampen en condenseren van alcohol. De distilleerkunst werd door de Arabieren westwaarts gebracht en door de Moren geïntroduceerd in Spanje. Alcoholdistillatie werd daar oorspronkelijk toegepast bij de bereiding van parfums en medicijnen. Al snel werd ontdekt dat alcohol ook uit granen kon worden gedistilleerd. Sinds het eind van de 15de eeuw gebeurt dat ook in de Schotse Hooglanden. In 1644 werd er voor het eerst belasting op het maken van whisky geheven. En in 1823 werd het stoken van whisky legaal.
De eerste distilleerderij die in 1824 zijn vergunning kreeg, was The Glenlivet. De eerste Single Malt die geëxporteerd werd - eind jaren zestig - was Glenfiddich.
Keltisch levenswater
Het woord whisky is afkomstig van uisge beatha, Keltisch voor levenswater. Water, vuur en gerst vormen al meer dan 500 jaar de belangrijkste benodigdheden voor het maken van whisky, een sterke drank met minimaal 40% alcohol. Na minimaal drie jaar rijpen in eikenhouten vaten (dat gebeurt zo sinds 125 jaar), wordt de Whisky gebotteld en gedronken.
Van whisky bestaan duizenden soorten en merken. Zo zijn er Single Malt Whisky's, Vatted Malt Whisky's, Blended Whisky's en Grain Whisky's. De belangrijkste landen waar whisky gemaakt wordt zijn Schotland, Ierland, de Verenigde Staten (in deze laatste twee landen schrijven ze Whiskey), Canada en Japan. De meest zuivere vorm van Whisky is de Single Malt Whisky.

Copyright © ssmwsociety 2011 | © Q-4-web